Column Jack Thomassen: Elshoutsen

Foto: Jack Thomassen

Drunenaar Jack Thomassen schrijft veel columns en korte verhalen. Voor onze lokale site Heusden.Nieuws zal hij regelmatig ook een column schrijven over zijn belevenissen en met deze keer weer een nieuwe versie. Deze column gaat over Elshoutsen

Plotseling stonden ze gedrieën voor mijn neus, in het zaaltje van café In Den Gekroonden Hoed. En allemaal hadden ze een nogal vreemde blik in de ogen. Net toen ik dacht dat deze situatie tot een ordinaire vechtpartij ging leiden, toverde één van die gastjes ineens een glas bier tevoorschijn. Opgelucht dat ik mijn spierballen niet hoefde te laten rollen (lees: zij mij niet in elkaar gingen vouwen en mij op m’n kop in de vuilnisbak kieperden), nam ik dankbaar het pilsje aan en dronk het in één teug leeg. De 3 musketiers staarden met ver opengesperde ogen naar deze handeling en wachtten op wat er komen ging. Precies één seconde was ik bang dat ze er een poedertje of een pilletje ingedaan hadden, maar toen de volgende carnavalsplaat uit de boxen knalde, trok mijn vriendinnetje mij weer de dansvloer op en dacht ik er verder niet meer aan. Toch had ik moeten weten dat er iets raars was aan dat gratis biertje.

Vreemd wil ik de inwoners van het voor ons noordelijk gelegen dorp Elshout niet noemen. Anders wel. Dat ondervond ik als klein menneke al, toen ons moeder mij en mijn broer van de ene op de andere dag ineens naar een hele andere kapper stuurde. Dus niet meer naar onze oude vertrouwde kapper Assmann in de Drunense Julianastraat, maar naar ene meneer Muskens in de Elshoutse Kerkstraat. Eveneens met een knipsalon in een kamer van zijn woonhuis, echter deze kapper hulde zich in een opzichtig pastelblauw kappersjasje, terwijl Assmann knipte in een oerdegelijk donkerblauwe stofjas. Maar ja, Muskens was 2 gulden goedkoper. Dat gaf de doorslag. Wanneer ik bij Muskens doodstil in de stoel zat, las ik wel 100x dat bordje met de tekst: Een goede coupe wordt het beste bereikt met pas gewassen haar (of zoiets). Apart figuur. Hij leek een beetje op een Franstalige zanger. Toen hij een keer (per ongeluk) in mijn linkeroor knipte, heb ik ons ma met een heel bloederig verhaal zover gekregen dat ik niet meer naar die horrorkapper hoefde. (Mocht u kleine Jackie nu een grote jankerd vinden, heb ik daar geen moeite mee, hoor.)

De ouders van mijn klasgenoot Jan runden dat A&O-supermarktje in Elshout. In het 3e leerjaar stroomde hij op onze school in. Daarvoor zat ie op de MAVO en omdat de resultaten aldaar nogal tegenvielen, werd Jan geadviseerd een andere school te kiezen. Het werd de LTS op het Vredesplein in Waalwijk. Een vrolijke gast, dat ondervonden wij vrijwel meteen. Mondig ook, maar nooit echt brutaal. Eén van de populaire jongens in de klas. Jan maakte zich ooit onsterfelijk beroemd bij onze leeftijdgenoten. Op de dag dat hij zijn 16e verjaardag vierde. Overal had hij het nieuws al rondgestrooid dat hij een nieuwe Zündapp had mogen uitkiezen. Een ROZE! Niemand op onze school zou het maar in zijn bolle hoofd halen met een roze brommer op het schoolplein te verschijnen. Jan wel. Maar jammer genoeg heeft bijna niemand dat splinternieuwe roze racemonster kunnen aanschouwen. Jan reed zijn verjaardagscadeau op de eerste de beste dag dat ie door Waalwijk reed, helemaal in de puinpoeier. Gelukkig had ie het zelf overleefd. Een bijzonder kind, die Jan. En dat is ie!

Ze was het eerste meisje waar ik ooit mee zoende. Op mijn 15e pas. Met carnaval in De Hoge Braken. En ja, ze kwam uit Elshout. De Kapelstraat om precies te zijn. Dat had ik weer. Maar ze was mooi en lief en voor de korte tijd dat we ‘verkering’ hadden was het best leuk geweest. Tijdens die carnaval gingen we naar de optocht kijken in haar dorp. Die was weer als vanouds: veel tractoren en boerenkarren met veel bier en heftig rokende kachels erop. Een afgerakte oude VW-kever reed mee, met een ongezond groot olieverbruik, waardoor café Het Witte Paard bijna helemaal in een rookgordijn gehuld werd. Als er in ons dorp een carnavalsvereniging zo’n stunt uit zou halen, kreeg die allerlei klachten van zeurkezende import-dorpsgenoten op de nek, die bovendien gingen eisen dat de desbetreffende groep nooit meer aan de Drunense optocht mee mocht doen. In Elshout was het aanleggen van rookgordijnen in de optocht heel normaal. Eerder een traditie. Co2 vraagstukken waren toen nog voor iedereen vreemd.

Nog even terug naar dat incident met dat biertje ‘met wat’ erin. Eén van die 3 ventjes was de broer van mijn vriendinnetje. Samen met 2 van zijn kornuiten vond hij het blijkbaar maar niks dat zijn zusje met iemand van buiten Elshout aanpapte. Waarschijnlijk hadden ze mij liever met pek en veren besmeurd over de dorpsgrens teruggejaagd, maar dat spul was tijdens de optocht al de kachel ingegaan, dus moesten ze iets anders verzinnen. Aan de verwilderde blikken in hun ogen te zien, had er zomaar iets geestverruimends in dat glas met bier kunnen zitten. Het tegendeel bleek echter waar. Niet omdat ik wist hoe pilsjes met pepmiddeltjes erin smaakten. Nee, toen ik het bier achterover geslagen had, viel het mij op dat het gerstenat verre van koud was. En dat kwam niet doordat de kastelein de temperatuur van zijn drankwaar niet op orde had, maar simpelweg omdat de boerenkinkels in het bier hadden gepist. Lekker dan!

Rare jongens hoor, die Elshoutsen.

Begin de dag met het nieuws uit je gemeente met de gratis Nieuwsbrief. KLIK HIER en meld je aan.
Aanvoerder van het lokale nieuws. Wist u dat wij iedere morgen bijna 2500 nieuwsbrieven verzenden.

Reacties