Jack Thomassen uit Drunen schrijft vele columns en korte verhalen. Voor Heusden.Nieuws zal hij ook in 2026 weer regelmatig een column schrijven over zijn belevenissen en met deze keer weer een nieuwe versie. Deze column gaat over 'Naar de Milieustraat'.
Wie zo nu en dan de milieustraat van onze Gemeente Heusden
bezoekt, weet dat ze daar enkele huisregels hebben. Ten eerste heb je een pasje
nodig om sowieso het terrein op te mogen rijden. Anders gaat de slagboom niet
eens open. Ik zou ze dan ook niet de kost willen geven die van huis vertrekken
met volle kofferbak of aanhanger en halverwege om kunnen draaien omdat dat
pasje vergeten is. Dat was bij mij zaterdag bijna het geval.
Omdat een gewaarschuwd man voor twee telt, en ik thuis nog
met de sleutel in het slot gestoken plotseling aan dat toegangspasje dacht,
hoopte ik dat ik hierna zonder strubbelingen dat bezoek aan de milieustraat kon
voltooien. Vol goede moed begon ik aan deze klus. Bij het oprijden van de werf
werd mijn humeur er alleen maar beter op. Niks geen wachtrij voor de slagboom,
en geen andere mensen uit onze gemeente bij de afvalcontainers.
De 1e slagboom passeerde ik als een nauwelijks te noemen
hindernis, waarna ik mijn auto het U-bochtje richting de weegbrug instuurde.
Daar stonden twee medewerkers van de milieustraat met elkaar iets te bespreken.
Via het opengedraaide autoraampje wenste ik beide heren een hele goedemorgen,
wilde vervolgens mijn pasje bij de paal aanbieden, maar toen bleek dat mijn
armen niet lang genoeg waren. Dus moest ik uitstappen. Nou, vooruit dan maar.
Inmiddels was één van die twee medewerkers naar de rij
containers gelopen, alwaar hij mij opwachtte. Precies bij de bak waarnaar ik
wilde informeren waar die stond. Want zoals gezegd, ik kom hier de laatste tijd
niet meer zo vaak. 'Ach, meneer', sprak hij mij vriendelijk toe. 'Hoe zal ik
het noemen? Fingerspitzengefühl?' Ik liet de beste man lekker in zijn waarde,
want ik weet heus wel dat dit de meest gebruikte bak van het betaald
weggooigedeelte is. En daarom vooraan staat. Dus eigenlijk had ik naar de bekende
weg willen vragen.
Mijn lading bevatte niet veel spullen om weg te gooien,
waarvoor ik later bij de kassa diende te betalen. Na een mand, een kapotte
buggy en nog wat geverfd hout in de daarvoor bestemde containers gemikt te
hebben, kreeg ik de finish van dit traject in het vizier. In de paar minuten
dat ik me binnen dit deel van de milieustraat had begeven, had ik nog steeds
geen andere bezoekers gespot. De twee medewerkers hoefden slechts enkel mijn
persoontje in de gaten te houden. En achteraf gezien had ik daar alleen maar
voordeel bij.
Want bij de tweede weegbrug aangekomen, maakte ik de
klassieke fout der fouten, wanneer je op een milieustraat voor je afval moet
betalen. Echter kreeg ik dat pas door nadat de oplettende medewerker mij door
zijn raampje vroeg: 'Wat had u allemaal bij u, om weg te gooien?' Enigszins
verrast door deze vraag gaf ik toch maar antwoord: 'Eeehm, een rieten mand met
wat troep erin, een beetje hout, een oude kinderbuggy, en o ja, een deksel van
hard plastic. Maar die mag ik zo meteen gratis weggooien.'
'Dat vraag ik, meneer, omdat het bedrag nogal hoog uitvalt.
Terwijl ik gezien heb, dat u niet echt veel bij u had. Kan het zijn dat ik u
bij het inwegen van de weegbrug af zag stappen?' Ik knikte bevestigend. 'En
volgens mij staat u nu bij het uitwegen juist wél op de weegbrug. Wat betekent
dat u een deel van uw eigen lichaamsgewicht in kilo's te veel gaat betalen. Dat
zal uw 'boekhouder thuis' vast niet goedvinden, toch?' Beschaamd om deze
blunder, lachte ik wat schaapachtig de medewerker toe. Maar bedankte hem net zo
snel voor het willen meedenken.
Toen ik na het volgende U-bochtje bij de
gratis-afvalcontainers arriveerde om de resterende producten (videorecorder,
hard plastic en wat oud-ijzer) ter recycling aan te bieden, had ik intussen een
globaal rekensommetje gemaakt hoeveel hoger de rekening voor dit karweitje uit
had kunnen vallen: om en nabij 10 euro. Toch bijna 2 keer zoveel dan ik nu
kwijt was.
En hoewel het geen wereldbedrag is, denk ik inderdaad dat
mijn 'boekhouder thuis', deze onoplettendheid van mij heel erg... 'zonde'
gevonden zou hebben. Ja, laat ik het bij dat woord maar houden.