Historisch Heusden: Koningin Juliana opent nieuwe stadhuis van Heusden

Foto: SALHA

Een nieuwe Aflevering van Historisch Heusden geschreven door Bart Beaard en deze keer gaat het over Koningin Juliana opent nieuwe stadhuis van Heusden. 

‘Hoewel het geen gebruik is, dat de Koningin aanwezig is bij het in gebruik nemen van nieuwe stadhuizen, heeft zij gemeend in dit geval een uitzondering te moeten maken om wille van de zeer tragische herinnering, die aan het oude stadhuis van Heusden verbonden is. Dit uit 1588 daterende gebouw werd namelijk in de nacht van 4 op 5 november 1944 door de Duitse bezetting, voor deze zich over de Maas terug trok, opgeblazen, hoewel in de kelders een deel van de bevolking schuilplaats had gezocht. 134 Burgers van het stadje, in leeftijd variërende van 0 tot 85 jaren, zijn daarbij om het leven gekomen’ aldus de landelijke dagbladen van 5 juni 1956.

HEUSDEN, 11 september 1956.

Het vriendelijke stadje aan de Maas, heeft zich in feesttooi gestoken, omdat het de eer geniet van een koninklijk bezoek. De vlaggen wapperen er, alle straten zijn uitbundig versierd en iedereen ziet met spanning de komst van de Landsvrouwe tegemoet. Heusden, hersteld van een van zijn ernstigste oorlogswonden, ontvangt de Koningin in een nieuw stadhuis. Er heerst vreugde in ’t stadje, al schrijnen nog de door de oorlog geslagen wonden. Bij het gereedkomen van het nieuwe stadhuis immers kan het niet anders of de gedachten gaan uit naar het oude, dat in november 1944 door de vijand is opgeblazen bij welke gebeurtenis 134 inwoners van Heusden het leven laten. Daarom zijn de vreugdegevoelens van deze dag gemengd met die van weemoed om het offer, dat hier gebracht is. Kwart over drie arriveert Koningin Juliana in gezelschap van de Commissaris der Koningin in Noord-Brabant prof. dr. J. E. de Quay aan het nieuwe stadhuis, dat naast de plaats, waar het oude heeft gestaan, is opgetrokken. In de Pelsestraat is voor de genodigden, waaronder veel nabestaanden, een grote tribune gebouwd. Martina Buijs, de 16-jarige wethouder, overhandigt H.M. een ruiker, waarna vendelier Brouwers, geflankeerd door vier tamboers, de vendelgroet van het gilde brengt. In een korte plechtige raadszitting wordt vervolgens de betekenis van deze dag voor Heusden in het licht gesteld en worden de slachtoffers van de ramp van 1944 herdacht. Burgemeester Van Delft herinnert in zijn toespraak aan de banden, die er tussen Heusden en het Huis van Oranje bestaan en geeft vervolgens een gedetailleerd overzicht van ‘verleden en heden van stad en stadhuis’. Het oudste raadslid, de heer J. H. Roza, wijst op de uitgroei van Heusden, zoals die zich vooral in de laatste jaren voltrekt en op de problemen, waarmee het vestingstadje te kampen heeft. Vervolgens begeeft de Koningin zich naar de ontvangsthal, waar zich een epitaaf of gedenksteen bevindt, gewijd aan de nagedachtenis van de slachtoffers van de ramp van 1944.

„Dit nieuwe stadhuis bewijst, dat er altijd weer een toekomst is, geheiligd en gelouterd door de offers van die ons zijn voorgegaan,” zegt de Koningin alvorens het doek, dat de epitaaf aan het oog onttrekt, te verwijderen en waarmee het stadhuis officieel is geopend. Dan leest zij luidop de tekst, geschreven door drs. Jan van Sleeuwen:

5 November 1944
Hier staat in steen geschreven
geen daad of droom, geen leven,
maar slechts het blijvend feit
van hun afwezigheid.

De epitaaf is gemaakt door de kunstenaar F. v.d. Burgt uit ’s-Hertogenbosch. Bij deze bevindt zich een standaard met een oorkonde, waarop de namen van de bij de ramp gevallenen zijn gekalligrafeerd. De oorkonde is gemaakt door de Tilburgse kalligrafist H. Corvers. Voor de raadszaal heeft de Vughtse schilder Arnoud Paashuis een staatsieportret van H.M. de Koningin geschilderd. Onmiddellijk na de onthulling speelt Ferdinand Timmermans, stadbeiaardier van Rotterdam, op het nieuwe carillon het Wilhelmus.

Na de plechtigheid van de onthulling worden aan de Koningin enkele nabestaanden van bij de ramp van november 1944, toen de Duitsers het stadhuis in de lucht lieten vliegen, omgekomen inwoners voorgesteld. Dat zijn mevrouw A. A. A. van Wijk-Arendse, die haar ouders, twee grootouders en zeven broers en zusters heeft verloren, de heer S. C. Vos, die zijn moeder, twee broers en drie zusters heeft verloren, C. Biesheuvel, van wie de ouders, drie zusters en een broer om zijn gekomen en F. A. Dankers, die bij de stadhuisramp zijn beide ouders heeft verloren.

Tijdens een rondgang door het stadhuis worden de architecten, kunstenaars en adviseurs, die bij de bouw en de verfraaiing van het nieuwe stadhuis betrokken zijn geweest, aan de Koningin voorgesteld. Daarbij vragen de aandacht de verschillende tapijten, die door verpleegden van de afdeling arbeidstherapie van het Psychiatrisch Ziekenhuis Voorburg te Vught, naar ontwerp van architect Hansen, vervaardigd zijn. Op het bordes worden Koningin Juliana een speciaal gekalligrafeerd feestprogramma en bloemen aangeboden. Dan volgt de hulde door de schooljeugd. Getooid met oranje en rood, wit en blauw, wordt het feestlied HERPUSIWI, geschreven door Frans te Vruchte op de wijs van “het wandellied”, ten gehore gebracht. Vervolgens wordt het spel „rad en vuur” (over de historie van het Heusdense wapen), geschreven door Willem Hoffman uit Berlicum en geregisseerd door Kees Spierings uit ’s-Hertogenbosch, opgevoerd door zes leden van drie plaatselijke toneelverenigingen. Jammer genoeg gaat mede door de vrij sterke wind de tekst voor de toehoorders goeddeels verloren. De jonge boeren en boerinnen uit Herpt geven nog een gymnastiekdemonstratie.

H.M. bezichtigt daarna de restauratiewerkzaamheden aan de Nederlands Hervormde kerk en laat zich voorlichten omtrent de aangebrachte schade en de vorderingen van het werk. Overal op haar tocht door het stadje wordt de Koningin luid toegejuicht door de honderden bewoners van Heusden en door de velen, die uit de omliggende gemeenten naar Heusden zijn gekomen om deze unieke gelegenheid om de vorstin te zien te benutten. Na afloop van dit bezoek begeeft de Koningin zich opnieuw naar het stadhuis, waar zij tal van kerkelijke en burgerlijke autoriteiten aan zich laat voorstellen en waar een aantal jongeren uit het Maasstadje de vorstin geschenken van eigen bodem aanbieden. Na haar bezoek aan Heusden heeft de Koningin zich naar ’s Hertogenbosch begeven. En wanneer de vorstin het stadje verlaten heeft, blijft de feeststemming nog lang behouden, mede door de grote zorg die de plaatselijke middenstand zich gegeven heeft om in deze week hun stad een waar centrum van feestelijkheid te maken.

Bart Beaard

Koningin Juliana in gesprek met nabestaanden van de Stadhuisramp. Collectie Bart Beaard

 Tiny Buijs (1940) overhandigt koningin Juliana een bos bloemen bij de opening van het nieuwe stadhuis. Burgemeester A. van Delft kijkt toe. Op de achtergrond een volle tribune met genodigden en/of nabestaanden. Collectie SALHA

 Bezoek van Koningin Juliana aan Heusden bij de opening van het nieuwe stadhuis. Van links naar rechts op de foto: Burgemeester A. van Delft, Hare Majesteit, Mevrouw Van Delft, de heer J. de Quay, Commissaris van de koningin in Noord-Brabant. Collectie SALHA

De jonge boeren en boerinnen uit Herpt geven een gymnastiekdemonstratie. Collectie C. van Bladel

Begin de dag met het nieuws uit je gemeente met de gratis Nieuwsbrief. KLIK HIER en meld je aan.
Aanvoerder van het lokale nieuws.

 

Reacties