Historisch Heusden: NOOIT GEDACHT, noodwoningen in een mandenmakerdorp

Foto: Bart Beaard

Een nieuwe Aflevering van Historisch Heusden geschreven door Bart Beaard en deze keer gaat het in deel 80 over Historisch Heusden: NOOIT GEDACHT, noodwoningen in een mandenmakerdorp.  Wanneer op 5 mei 1945 eindelijk de vlaggen kunnen worden uitgestoken, geeft de bevrijdingsbalans van Gemeente Vlijmen een intriest beeld te zien.

Meer dan 150 huizen verwoest, 100 ernstig en vijfhonderd huizen licht beschadigd en 78 oorlogsslachtoffers. Niet voor niets krijgt Vlijmen het grootste aantal noodwoningen toegewezen van alle Brabantse plattelandsgemeenten. Zoals overal in bevrijd gebied is de woningnood probleem nummer één. Maar dat de oplossingen niet in een handomdraai aan te dragen zijn, zal wel duidelijk zijn als men in aanmerking neemt dat er helemaal geen bouwmaterialen ter beschikking zijn, omdat het land ook op dat punt stelselmatig is leeggezogen.

Bij de proefwoning zijn de gevlochten wanden door de bouwploeg al afgesmeerd met cement-specie. Collectie Bart Beaard

Brushwood hurdles
Maar het geluk van de bevrijding levert zoveel energie op, dat alom hard wordt georganiseerd en gewerkt om er toch weer bovenop te komen! En bovendien: nood maakt vindingrijk! Soms kan dan een toevalligheid aanleiding zijn om die vindingrijkheid om te zetten in een praktische toepassing. De Vlijmense mandenmakerij speelt daarin een grote rol. Nadat de Vlijmense mandenmakers voor de bezetter honderdduizenden granaatmanden hebben gemaakt, kunnen ze heel kort na de bevrijding in november 1944 voor de geallieerde troepen gevlochten teenhouten matten maken,  die worden gebruikt om taluds voor afkalving te behoeden en om in drassige  terreinen langs de Maas het wegzakken van voertuigen en geschutstukken te voorkomen. Deze brushwood hurdles, met een formaat van ca. 5×2 meter, worden er in Vlijmen tussen december ’44 en april ’45 honderden gemaakt. Na de oorlog liggen er bij de mandenfabrieken ook nog honderden ongebruikt.

Bouwteam
Mandenmakers Harrie en Jan Verboord leggen een link tussen het oeroude gebruik van vlechtwerk voor huizen en schuren, aangesmeerd met kalk, leem en koeienstront en de mogelijkheid om de matten te gaan gebruiken voor noodwoningen. En zo komt voor Vlijmen een belangrijke deeloplossing van het nijpend woningtekort op korte termijn in zicht. Voor de uitwerking van dit idee wordt een bouwteam gevormd, dat alle deskundigheid „in huis” heeft. Het team wordt gevormd door architect Jan Luijben, hoofd van de wederopbouw, diens medewerker Piet Verboord, eveneens architect, diens broer Bertus Verboord, aannemer en de broers Jan en Harrie Verboord, die een mandenmakerij runnen. In korte tijd komt er  een ontwerp tot stand. De initiatiefnemers zijn heilig overtuigd van de voordelen van de constructie. Teenhout is in voldoende mate voorhanden. De plaatselijke mandenmakerijen beschikken over voldoende vlechtcapaciteit. De constructie is heel solide en vergt geen onderhoud. Als de buitenwanden en de daken dubbel worden gevlochten ontstaat er een spouw en is er isolatie en kan er vanaf buiten geen vocht doorlaten. Het bouwsysteem leent zich erg goed voor seriefabricage.

De proefwoning, Akkerstraat 1, en nu nog de enige overgebleven noodwoning. Collectie Bart Beaard

Proefwoning
Dan is het 4 maart 1945. In de keukenwoonkamer van huize Verboord heeft zich het bouwteam verzameld om de plannen te bespreken en uit te werken. Jan Luijben brengt het goede nieuws dat met de bouw van de proefwoning gauw zal kunnen worden begonnen op de hoek van de Voorstraat en de Akkerstraat. Er is een regeling getroffen waarbij uit de oorlogschadevergoeding de noodwoning kan worden gefinancierd. Besloten wordt om het vlechtwerk ter plaatse te verrichten. In de fundering van bakstenen worden gaten geboord voor de „stekken”, dat wil zeggen de verticale wilgentenen, waar dan tussendoor gevlochten moet worden. Om de dubbele wanden van een spouw te voorzien, moeten op afstanden van zo’n 50 cm en op verschillende hoogten beide matten met krammen aan elkaar bevestigd worden. Het dak wordt ook dubbelwandig uitgevoerd en zal worden voorzien van een betonlaag, waarover asfalt.

De opdracht
Alle overheidsinstanties, die bij de wederopbouw betrokken zijn, worden enthousiast en overtuigd van de doelmatigheid en de voordelen van dit bouwsysteem. De gemeente Vlijmen biedt van het begin af aan alle medewerking. Daarnaast tonen het College van Commissarissen van de Wederopbouw, het Militair Gezag en het Commissariaat Noodvoorzieningen belangstelling en een willig oor voor de plannen. En dat dit allemaal serieus bedoeld is blijkt op zondag 13 mei 1945, toen dr. L.J.M. Beel, toenmalig minister-president en minister van Binnenlandse Zaken met een uitgebreide staf de in aanbouw zijnde proefwoning komt bezichtigen. Korte tijd later komt dan ook vanwege het Ministerie van Wederopbouw het fiat af voor de bouw van 100 noodwoningen in Vlijmen, waarvan er in Vlijmen en Nieuwkuijk 87 gebouwd zijn, en 100 in Den Bosch. Wanneer de proefwoning kant en klaar is opgeleverd, krijgt het de naam „Nooit Gedacht”!

De bouw
Nadat aannemer Bertus Verboord op enkele bouwplaatsen de nodige voorbereidende werkzaamheden heeft verricht, kunnen in de mandenmakerij van Jan en Harrie Verboord de eerste vloermatten worden gevlochten. Wanneer blijkt dat de prefabricage van de matten verder geen vlecht- en bouwtechnische problemen oplevert, kunnen de mandenmakerijen van Prinsen & Van Halder in Haarsteeg en van Van Wagenberg-Festen in Vlijmen ook ingeschakeld worden. Op die manier kunnen de „mattenleveringen” gelijke tred houden met de vorderingen in de bouw, zodat vóór het invallen van de winter ’45/’46 reeds 40 noodwoningen in gebruik kunnen worden genomen. Uiteraard vormen de groep stukadoors eveneens een belangrijke schakel in het bouwproces. Immers de wanden moeten in twee lagen gepleisterd worden en daarna „afgesausd”. Maar ook bij dit onderdeel hebben zich geen storingen voorgedaan.

Gevlochten noodwoningen in 1946, in blokken van twee, aan de Ekelaarlaan. In 1956 zijn de woningen afgebroken. Collectie Bart Beaard

Biezen mandjes
In het voorjaar van ’46 verschijnt er in de Bossche Courant een foto van een stukje wand van een Bossche noodwoning, waarop te zien is hoe de wilgenblaadjes uit de verse pleisterlaag te voorschijn komen. Hier is versgesneden teenhout gebruikt, dat begunstigd door het vocht in de specie en de warme zonnestralen kan laten zien dat de kiemkracht nog volop aanwezig is. Uiting van nieuw leven in een nieuwe omgeving, voorbeeld van  herstelkracht in de natuur…. symbool wellicht ook van opbloeiende levensvreugde na zo’n lange periode van vernieling en ellende? De noodwoningen winnen dan ook aan de sympathie van de bevolking en in de volksmond worden ze dan ook heel vriendelijk „de biezen mandjes” genoemd.

Het einde
Als een rots in de branding is de eerste proef- of modelwoning in particulier bezit gebleven en op de gevel prijkt nog steeds vol trots de naam „Nooit Gedacht”.

Bart Beaard

Begin de dag met het nieuws uit je gemeente met de gratis Nieuwsbrief. KLIK HIER en meld je aan. Aanvoerder van het lokale nieuws.

< Kijk hier voor agenda
< Volg HeusdenNieuws ook via
Facebook
< Wist u dat wij iedere morgen bijna 3000 nieuwsbrieven verzenden
< Wist u dat wij iedere dag meer dan 10.000 bezoekers hebben op onze website
< Adverteren op Heusden.Nieuws.nl stuur een
mail

 

 

 

Reacties

Cookieinstellingen