Historisch Heusden: Over cichorei, peekoffie, mangelwortels en stroop

Foto: Kees van Bladel.

Een nieuwe Aflevering van Historisch Heusden geschreven door Bart Beaard en deze keer gaat het in deel 81 over Historisch Heusden Over cichorei, peekoffie, mangelwortels en stroop. Een vrij onbekend boerenproduct is cichorei, een zoetstofhoudend wortelgewas, familie van het witlof. Vanaf het einde van de 19e eeuw worden cichoreiwortels vanuit Friesland met schepen naar fabrieken in Brabant vervoerd als grondstof voor pee- of cichoreikoffie.

Heusden beschikt daarvoor over een drietal chicoreifabrieken: t.w. Van der Heijden in de Drietrompetterstraat, Verhoeven in de Putterstraat en Keunen-Malingré in de Molenstraat. Een van de toeslagstoffen bij het maken van deze koffie is stroop en daarvoor staan in Herpt bij een zestal boerderijen stroopfabrieken. In deze fabrieken wordt uit mangelwortels of voederbieten stroop gemaakt, dat aan de cichoreifabrieken in Heusden wordt toegeleverd. Dit verhaal gaat over de productie van pee- of cichoreikoffie, de teelt van mangelwortels en het maken van stroop.

Pee- of cichoreikoffie
Als gevolg van het Continentaal Stelsel, een zelf opgelegde handelsblokkade ten tijde van Napoleon, worden koffie, thee en tabak uit Nederlands Oost-Indië schaars en erg duur. Het vervangingsmiddel voor koffie is cichoreikoffie en in onze omgeving kennen we dat als ‘sekraai’.

De fabriek van Verhoeven, de belangrijkste van de drie, is vanaf 1879 in het voormalige garnizoensgebouw aan de Putterstraat, bekend onder de naam ‘hout- en turfloods’. Men werkt er dag en nacht. Het werken boven de hete oven is zwaar en het is bekend dat in deze fabriek de mannen, die de gebrande wortels moeten omzetten, in hun ondergoed werken. De cichoreiwortels worden gewassen, verhit tot 150° Celsius, snel afgekoeld op koelplaten, fijn vermalen en dan vermengd met melasse, mangelwortelstroop, cacaovet of patentolie. Ingrediënten zijn in het begin ook fijngestampte kolen en krijt. Voor conservering wordt zwavelzuur gebruikt. In december 1897 is er tijdelijk een weekproductie van 30.000 pond peekoffie en gebrande stroop. De fabriek heeft wel veel problemen met branden: In 1897 een brand door broei in opslag van de cichoreiwortels; in 1900 een brand in de schoorsteen van de droogmachine; in 1901 is het bedrijf geheel afgebrand. Na de Eerste Wereldoorlog is het in Heusden snel afgelopen met de grootschalige cichoreiverwerking en peekoffieproductie. In 1921 is er al sprake van dat in de voormalige cichoreifabriek van Verhoeven een ‘mechanische wasserij’ is gekomen. De fabriek is in latere jaren als timmerfabriek en aardappelbewaarplaats in gebruik geweest. In 1950 komen er woningen op een gedeelte van het bedrijfsterrein en in 1968 moet het resterende wijken voor de stadsrestauratie. Men vindt er dan funderingsresten van de Oud-Herptsepoort.

Het onlangs gerestaureerde pand Hoefstraat 4 in Herpt, waarin tot 1920 een stroopfabriekje is geweest

Cichorei uit Herpt
Cichorei is een wortelende plant, verwant aan witlof. De plant bloeit met opvallend hemelsblauwe bloemen. De teelt van cichorei vergt veel handwerk: wieden, oogsten, wassen. Oogsten en wassen van cichorei is praktisch niet te doen in een streek met rivierklei. In Herpt is de cichoreiteelt op een zeer beperkte schaal gebleven.

Mangelwortelstroop uit Herpt
In Herpt staan tussen 1895 en 1920 minstens zes stroopfabrieken die uit mangelwortelen stroop maken en die stroop wordt bij de productie van cichoreikoffie als toeslagstof gebruikt. Enkele namen van stroopfabrieken rond de eeuwwisseling: Jan de Wit, Driek Buijs, Leentje de Wilt, Kobus Luijben, Arjaan Buijs, Kobus de Wilt en Wed. Luijben-de Wilt. De stroop wordt gekookt uit Rozakragen, een grof mangelwortel- (voederbieten)gewas dat in de omgeving van Herpt verbouwd is. De rode mangels groeien vooral boven en weinig onder de grond. Ze zijn fel donkerrozerood gekleurd. Het woord kraag heeft te maken met het feit dat ze een hoge vorm hadden. Dit mangelwortelras heeft een hoger suiker- en drogestofgehalte dan gewone voederbieten. Andere soorten zijn: Herpts Strooppeeënzaad, Jaapjesbietenzaad en Groenkraag.

De stroopfabriek
Het bereiden van de stroop was seizoengebonden en gebeurde in het najaar en in de winter. De voeder- of suikerbieten werden met een hoogkar aangevoerd, opgeslagen en afgedekt voor de vorst. In de fabriek werden ze in een met zink bekleedde bak gewassen met water dat uit de put opgepompt werd. Een roodkoperen ketel met een diameter van 1,4 meter doorsnede stond op een met hout en kolen gestookte kachel, waarin de mangels werden gekookt. Na het koken werd de brei in houten bakken gedaan en deze bakken werden onder een pers geplaatst. De pers was een frame van eikenhouten balken en had een beweegbare dwarsbalk waaraan een schroefspil was bevestigd. Door een eiken balk in de vierkanten gaten van de spil te steken en deze te draaien kon de pers onder druk gezet worden en drukte het deksel van de bak naar beneden. Door de gaten in het deksel kon het vocht ontwijken. De bak werd in de pers een tijd onder druk gehouden. Het vocht ging in tonnen  door een vulopening bovenin, die werd dichtgepropt met een jutezak. Toen er in Heusden geen peekoffiefabrieken meer waren ging, volgens Herptenaar Nico Buijs†, het product in tonnen per boot naar Amsterdam. Vandaar ging het onder meer naar de Buismanfabriek in Zwartsluis en naar Leeuwarden, waar destijds nog een grote  cichoreikoffiefabriek stond. Tot omstreeks 1935 is er in Herpt stroop gemaakt.

Het vroegere garnizoensgebouw aan het einde van de Putterstraat, afgebroken in 1968, is door Verhoeven gebruikt voor de productie van peekoffie.

Het einde van de stroop- en peekoffieproductie.
Het einde was onontkoombaar met de komst van de Warenwetgeving. De aanwezigheid van krijt en het hoge asgehalte heeft de faam van het peekoffieproductieproces geen goed gedaan. Ook was het de vraag of de mangelwortelstroop, in tonnen dichtgepropt met jutezakken, proper genoeg was. Ten tweede; naarmate de jaren vorderden werden suikerbieten steeds meer verbeterd d.w.z. het suikergehalte steeg door veredeling waardoor de boeren liever aan de suikerfabrieken leverden. Mangels zouden het uiteindelijk afleggen tegen suikerbieten. Ten derde; Buisman in Zwartsluis veranderde het productieproces sterk en ging werken met gebrande suikers en niet meer met mangelwortelstroop.

Bart Beaard

Begin de dag met het nieuws uit je gemeente met de gratis Nieuwsbrief. KLIK HIER en meld je aan. Aanvoerder van het lokale nieuws.

< Kijk hier voor agenda
< Volg HeusdenNieuws ook via
Facebook
< Wist u dat wij iedere morgen bijna 3250 nieuwsbrieven verzenden
< Wist u dat wij iedere dag meer dan 10.000 bezoekers hebben op onze website
< Adverteren op Heusden.Nieuws.nl stuur een
mail

In 1984 zijn tekeningen gemaakt van de toen nog aanwezige inventaris van het stroopfabriekje. Hier is de pers, bestaande uit een frame van eikenhouten balken en een schroefspindel, afgebeeld. Collectie Johan van den Ossenblok.

Reacties