Historisch Heusden: Gemeentelijke Vakschool voor Schoenmakers in Drunen 1934-1963

Foto: Bart Beaard

Een nieuwe Aflevering van Historisch Heusden geschreven door Bart Beaard en deze keer gaat het in deel 84 van Historisch Heusden over Gemeentelijke Vakschool voor Schoenmakers in Drunen 1934-1963. Al in 1907 voert pater Nouwens van de Abdij van Berne in Heeswijk besprekingen met een groep handschoenmakers en het bestuur van de middenstandsvereniging De Hanze om in Drunen een vakopleiding te starten.

Met dit plan heeft hij in 1908 overleg met het ministerie in Den Haag. Maar het duurt tot 1910 voordat het plan wordt goedgekeurd. De Hanze richt de school op en krijgt daarvoor een subsidie van het Rijk, de Provincie en de Gemeente, die ook een leslokaal in de Openbare Jongensschool ter beschikking stelt. Op 15 mei 1910 wordt de driejarige vakcursus officieel gestart. Op de cursus leren de jongeren niet alleen het schoenmaken, maar ook lezen, schrijven en rekenen. De eerste groep bestaat uit 19 leerlingen, die in een 65-urige werkweek aan de slag gaan. Met deze cursus wil De Hanze aantonen niet alleen voor de middenstand te werken, maar ook voor de arbeiders.

Op 26 juni 1919 is de officiële ingebruikneming van de nieuwe Vakschool voor Schoenmakers, opgericht door middenstandsvereniging De Hanze

Het begin
Op 11 mei 1910 worden de eerste lessen begonnen in het achterste van de vier lokalen van de Openbare Lagere School. (Dat is nu het kantoor van ‘direct-effect e-business’, Grotestraat 93). De eerste leraren zijn H. Brok (directeur) en P. van Venrooij. In het eerste Jaarverslag, dat aan de gemeente Drunen wordt gestuurd, staat: ‘De ondervinding is opgedaan dat de leerlingen in een half jaar schoenen leren maken, iets waarover vroeger een jaar of drie, vier werd gedaan”. Drie jaar na de oprichting worden de eerste diploma’s aan geslaagden uitgereikt en wordt de eerste tentoonstelling gehouden van schoenen en ontwerptekeningen van de leerlingen.

Een nieuw schoolgebouw
De school heeft nog een beperkte ruimte, waardoor er maximaal 17 leerlingen kunnen worden geplaatst. Er ontstaat behoefte aan een nieuwe en grotere vakschool. Bouwkundige J. van Vlijmen uit Vlijmen werkt een plan uit voor een te bouwen vakschool met directeurswoning. Van de gemeente Drunen krijgt men goedkeuring en een lening. Naast de Lagere School wordt een pand en erf aangekocht. De school wordt gebouwd door aannemer Mergelboer uit Geertruidenberg die op  9 maart 1918 met fl. 27.271,- de laagste inschrijver is.

Een jaar later wordt de school betrokken, die meer is aangepast aan de toenmalige eisen van het vakonderwijs en die meer dan een verdubbeling van het aantal leerlingen aankan. In 1920 worden in de vakschool elektrische aansluitingen aangebracht en op bescheiden schaal worden de leerlingen met machines vertrouwd gemaakt naast het traditionele ‘schootwerk’. In 1924 heeft de school 58 leerlingen, waarvan er 36 van buiten de gemeente Drunen komen. In 1925 overlijdt de praktijkleraar Piet van Venrooij en hij wordt opgevolgd door Jan de Hart.

Naoorlogse luchtfoto met in het midden de vakschool met directeurswoning, nu Joost van den Vondellaan. Rechts ervan de vroegere Openbare Jongensschool

Gemeente Drunen neemt de school over
De vakschool is opgericht door middenstandsvereniging De Hanze. Wanneer zich in 1923 moeilijkheden aandienen met de Hanzebank en deze in 1924 failliet gaat, krijgt de vereniging  daarmee ook een zware slag. Uiteindelijk krijgt de middenstandsvereniging in 1934 geen subsidie meer, waardoor de gemeente Drunen zich tot zowel het Rijk als de Provincie richt voor de benodigde gelden. De school wordt aan de gemeente Drunen overgedragen en de naam wordt Gemeentelijke Vakschool voor Schoenmakers. In 1942 gaat directeur Harrie Brok na 32 jaar met pensioen en wordt opgevolgd door Cor Rechters.

Na de oorlog
Bij de bevrijding van Drunen in november 1944 wordt het schoolgebouw zwaar beschadigd. Maar in het voorjaar van 1945 worden de lessen geleidelijk hervat. Nu zijn Cor Rechters en Jan de Hart de vaste praktijkleraren en Piet Janssen, Wim Roozen en Jan Jehoel zijn door de gemeente benoemde ’tijdelijke leraren’ voor het algemene onderwijs op woensdagmiddag. De lessen, die gegeven worden, zijn: schoenmaken (onder- en bovenwerk), patronen maken, voetkennis, materialenkennis, rekenen en Nederlandse taal.

Op het einde van de 40-er en het begin van de 50-er jaren, dreigt de school wegens gebrek aan belangstelling weg te kwijnen. De oorzaak ligt in het ontbreken van een afdeling ‘machinaal schoenmaken’. De oorzaak daarvan ligt bij de overheid, die er geen geld voor geeft. Bij het 40-jarig jubileum in 1950 komt er een initiatief van de plaatselijke schoenfabrikanten om de school nieuw leven in te blazen. Men wil een gedeelte van de school omzetten naar de ‘machinale methode’. Dankzij de Drunense schoenfabrikanten komt de school in het bezit van de benodigde machines.

De overgang naar het ‘machinaal schoenmaken’ is een succes en de school heeft weer snel het maximaal aantal leerlingen. Door de volle bezetting ontstaat er een initiatief om de school uit te breiden met enkele lokalen. Dit initiatief wordt nu wel gesteund door Gemeente Drunen. Achter de bestaande school wordt een semipermanent gebouw van 35×10 m geplaatst. Ook geeft de gemeenteraad goedkeuring voor uitbreiding van het onderwijzend personeel. Voor het ‘machinaal schoenmaken’ worden C. Brok, J. Bax en F. van Hulten aangenomen en voor het algemeen vormend onderwijs P. Pouwels en J. Landsbergen. Tevens wordt fors geïnvesteerd in een nieuw machinepark, waardoor de totale investering fl. 200.000,- geworden is. Op zaterdag 23 november 1957 wordt de uitbreiding door burgemeester A. Snels geopend.

Foto’s die in 1939 gemaakt zijn in de Vakschool voor Schoenmakers. Bij de leerlingen gaat het dan nog allemaal om handwerk

Het einde
In 1958 halen in Drunen 14 leerlingen hun diploma. De schoenindustrie schreeuwt om personeel. Maar dan ontstaan er zorgen van andere aard. Er blijkt bij jongeren steeds minder belangstelling te bestaan voor het beroep van schoenmaker. Vader, opa, broers, noem maar op, iedereen is schoenmaker, maar de jongeren kiezen voor andere beroepen. Men wil niet meer naar ‘werk op een vierkante meter’. In 1962 zijn er in totaal nog maar 28 leerlingen. En omdat de subsidienorm minimaal 18 leerlingen per klas is, wordt van overheidswege geen subsidie meer verstrekt. Dit betekent het einde van de school. Per 1 september 1963 wordt de opleiding gestopt. De grote investering van 1957 heeft dus niet het beoogde resultaat opgeleverd. Als de school is opgeheven, gaan de leerlingen naar de vakschool in Waalwijk en het personeel wordt eervol ontslagen.

In het woonhuis heeft directeur Rechters nog tot 1972 gewoond, waarna het tot 1993 gebruikt wordt als kantoorruimte van Maatschappelijk Werk en als onderkomen voor de jeugdbeweging. In 1993 is alles buiten gebruik gesteld en in 1994 is alles afgebroken. Nu ligt er de Joost van den Vondellaan.

Bart Beaard

Begin de dag met het nieuws uit je gemeente met de gratis Nieuwsbrief. KLIK HIER en meld je aan. Aanvoerder van het lokale nieuws.

< Kijk hier voor agenda
< Volg HeusdenNieuws ook via
Facebook
< Wist u dat wij iedere morgen bijna 3250 nieuwsbrieven verzenden
< Wist u dat wij iedere dag meer dan 10.000 bezoekers hebben op onze website
< Adverteren op Heusden.Nieuws.nl stuur een
mail

Reacties

Cookieinstellingen