Zondagmiddag werd in de tweede klasse B West I de competitie hervat. Nieuwkuijk begon met
een verre uitwedstrijd naar DCG. Ook Ernald Hooghiemstra (61) was erbij. Niet
met de auto, de Vlijmenaar was rond halfnegen op de fiets gestapt om de bijna
honderd kilometer te overbruggen. Hij zag Kuijk gelijkspelen: 1-1.
Ernald
heeft een groot rijbewijs. Maar een auto gebruikt hij zelden. Behalve op
zaterdag, dan leent hij die van zijn moeder. Voor de boodschappen, voor zijn
Thaise vrouw die op die op die dag naar zijn werkgever – hij is
magazijnmedewerker in Den Bosch, een ritje van zeven kilometer – te brengen:
zij is schoonmaakster. Hij heeft dus geen auto. ,,Ik rijd alleen maar
kippeneindjes, waarom zou daar zo veel voor betalen.”
Alleen
maar korte ritjes, dat is nogal relatief. Ernald gaat regelmatig met de fiets
naar Tilburg om zijn duiven af te leveren voor een vlucht. En sinds vier jaar
volgt de voormalig voetballer van FC Engelen Kuijk bij uitwedstrijden. Peddelen
naar Boxtel, naar Den Bosch, naar Liempde. ,,Mooie tripjes om je hoofd leeg te
maken.”
Dit
seizoen is alles anders: Kuijk promoveerde naar de tweede klasse, maar werd
ingedeeld in West I. Dat betekende vijf uitwedstrijden naar Amsterdam, eentje
in Rotterdam, Abcoude, Amstelveen. ,,Toen heb ik wel even gedacht: moet ik dit
wel doen? Maar ja, ik ben een Hooghiemstra. Een echte Fries gaat niet opzij
voor een uitdaging.” Zijn broers Robbin en Remond kunnen daarover meepraten:
járen her fietsten ze van hun woonplaats Nieuwkuijk naar het Nieuw-Zeelandse
Bluff.
Hooghiemstra
maakte één uitzondering om niet op te stappen. ,,Als het ’s morgens regent,
begin ik er niet. Ben ik onderweg en het begint te plenzen, dan trap ik gewoon
door. Nee, nog niet meegemaakt. Wat dat betreft heb ik altijd erg veel geluk.
Ja, ook op mijn werk.” Een lekke tube is hem ook niet overkomen. ,,Ik geniet
vooral, want ik rijd nu door stukken van Nederland die ik helemaal niet ken.
Maar zo’n polder is niet altijd een pretje. Meegemaakt dat het zó koud is dat
ik op mijn fiets zat te vernikkelen.”
Amsterdam
is de stad waar een fiets jatten verheven tot nationale sport. ,,Ik heb altijd
een grote ketting bij mee. Bij sv De Meer was ik die vergeten, stond mijn
racefiets naast me bij het veld.” Bij DCG hadden ze het helemaal goed geregeld
voor hem: zijn stalen ros kreeg een eigen kleedkamer.
Nieuwkuijk
en de tweede klasse, het was in het begin vooral wennen. Meer dan eens stapte
Ernald op de trein met een rotgevoel: verloren. Maar in de zesde wedstrijd kwam
de kentering, ging de formatie van trainer Ronny Everaerts punten pakken.
Vooral dankzij Brent de Wijs, die zich heeft ontpopt tot een fenomeen in deze
klasse. Voor de winterstop had hij al negentien keer gescoord, waarvan vier
keer bij sv De Meer. ,,Stonden we na achttien minuten met 4-1 achter. Dacht ik:
ben ik heel dat roteind voor niks gegaan? Werd het toch nog 5-5.”
Eén
uitwedstrijd heeft Ernald. ,,Naar Zwaluw VFC in Vught, ook nog eens het kortste
stukje. We hadden een familieweekend.” Zijn moeder heeft als een geopperd om
toch maar de auto te nemen. ,,Doe ik dus niet. Uit principe. Je begint ergens
aan, je maakt het ook af.” Als Kuijk blijft presteren zoals het dat nu doet,
dan redden de blauw-witten het waarschijnlijk. Met de KNVB hebben de zes clubs
uit Brabant en Gelderland afgesproken dat er wordt gekeken naar een andere
indeling: die afstanden, zelfs te overbruggen met een bus of auto, vinden ze
uit sportief en financieel oogpunt niet wenselijk. Hooghiemstra zal dan met
zichzelf in conclaaf moeten: blijven fietsen of niet. Een echte Fries, die
uitkomst staat in wezen al vast.