Column Jack Thomassen: Een verhaal met een boodschap

08 sep , 9:00Column Jack
jack 6e klas
Jack Was Here
Jack Thomassen uit Drunen schrijft vele columns en korte verhalen. Voor Heusden.Nieuws zal hij ook in 2026 weer regelmatig een column schrijven over zijn belevenissen en met deze keer weer een nieuwe versie. Deze column gaat over 'Een verhaal met een boodschap'
De naam van onze basisschool verraadde al dat we af en toe iets met het geloof te maken gingen krijgen. Volgens mij deden we in de lagere klassen weleens een weesgegroetje, later volgens mij niet meer. En liedjes met teksten over Jezus herinner ik me eigenlijk niet. Wel iets van 'Stil Maar Wacht Maar, Alles Komt Goed. De Hemel En De Aarde... Maar dat zal wel rond de communietijd zijn geweest. Ook was er een inval juf, die prachtig verhalen kon vertellen. Ja, ik weet, verhalen met een 'boodschap'.
In de 6 jaren op die lagere school heb ik trouwens nooit een spreekbeurt gedaan. Dat mocht wel, hoor. Degene tenminste die dat graag wilde. Hadden ze ons dat toen maar verplicht. Spreken in het openbaar is voor veel mensen al niet makkelijk, voor bleue ventjes als ik nog veel minder. Op het schoolplein en buiten de les om had ik altijd praatjes zat, echter voor de klas was het een ander verhaal. Voor een spreekbeurt stak ik nooit een vinger op.
Toch kregen de leerlingen soms een beurt om iets uit een boekje voor te lezen. Maar op het moment dat de onderwijzer of de juf daarvoor zijn/haar blik de klas liet rondgaan, probeerde ik mezelf zo goed als onzichtbaar te maken. Wat inhield dat ik vooral geen oogcontact maakte, of 'per ongeluk' een pen op de grond liet vallen om dan weg te duiken. Vaak kwam ik daarmee weg, maar dat vluchtgedrag moest natuurlijk een keer doorbroken worden.
In onze 6e klas (nu groep 8) deed een grote groep kinderen mee aan het Rooms-Katholieke ritueel wat bij ons 'Vormsel' werd genoemd, ofwel de 2e Heilige communie doen. Omdat dit vooral een eigen keuze van het kind moet zijn, die bewust het geloof wil belijden en bevestigen, mocht ik van mijn ouders zelf bepalen of ik daaraan meedeed. Wij gingen nooit naar de kerk, dus mijn keuze was snel gemaakt. Geen vormsel voor mij.
Daarmee dacht ik gevrijwaard te zijn van alle voorbereidende lessen en uitleg, oefenen in de kerk, en wat al niet meer. Echter toen dhr. Fransen (de onderwijzer van onze klas), een verzoek kreeg om iemand uit zijn klas aan te wijzen om tijdens die voorbereidingen een verhaal uit de Bijbel voor te lezen, was ik er 100% zeker van dat hij mij niet uit zou kiezen. Waardoor ik me niet genoodzaakt voelde om uit zijn gezichtsveld te ontsnappen, of per ongeluk een pen van tafel hoefde te duwen.
Zonder vrees en vol zelfvertrouwen volgde ik zijn zoekende blik. Vermoedelijk zou hij één van de meisjes uitkiezen. Die vonden dat nu eenmaal leuk, iets voordragen voor een grote groep. Dan konden ze hun mooiste kleren aan, om bewondering te oogsten van klasgenootjes in de kerkbanken. Nou, u mag één keer raden wat ie deed? Zijn doordringende blik ving mij: 'Jackie', sprak hij kalm. 'Dit is net iets voor jou, jongen.'
Ik raakte in paniek. Wilde alsnog onder de tafel wegduiken, maar daar was het toen te laat voor. 'Ja, maar..', stamelde mijn bange stem, '... Maar meneer, ik doe niet eens mijn 2e communie!' Dhr. Fransen kalmeerde mij: 'Stil maar, jongen. Wacht maar. Alles komt goed.' Alsof hij mij zo een boodschap mee wilde geven. Blijkbaar moest ik vertrouwen in hem hebben. Nou, eerlijk gezegd begreep ik het even allemaal niet meer.
De naam van het verhaal is me altijd bijgebleven: De Barmhartige Samaritaan. De inhoud ervan slechts een beetje. Het gaat over een man die overvallen en mishandelt wordt, waarna de rovers hem voor dood achterlaten. Verschillende mensen passeren en kijken liever weg. Tot er een man voorbijkomt die wel wil helpen. Een Samaritaan (uit een bevolkingsgroep waar veelal op neergekeken werd) verbindt de gewonde en neemt hem mee naar een herberg voor verdere zorg.
Het was natuurlijk in iets meer woorden opgeschreven. En ik zou er vast niet eens lang over doen om voor te lezen, toch vond ik het behoorlijk spannend. Gelukkig kwam ik na thuis wat geoefend te hebben, aardig voor de dag. De tip die ons pa had, werkte in ieder geval prima. Een tip die ik heden te dagen nog weleens aan iemand geef die iets voor gaat dragen (bijvoorbeeld tijdens een crematiedienst).
Opnieuw zie ik mijzelf staan naast het altaar van het kleine St. Jozefkerkje, schuin tegenover ons huis. De zilvergrijze microfoon op de standaard. Mijn trillende handen die mijn papier met tekst openvouwden en dat ik eraan dacht wat ons pa gezegd had: 'Lees rustig voor wat er staat en maak geen oogcontact met de mensen voor je. Anders weet je misschien niet meer waar je gebleven bent. (Bij iets emotioneels als een rouwdienst schiet je minder snel vol.)
En dat hielp. Toen ik klaar was met voorlezen, keek ik vol trots naar het kleine publiek voor me. Op het moment dat ik besefte dat mijn gezicht niet rood van verlegenheid was aangelopen, kruiste mijn blik met die van dhr. Fransen. Met de armen over elkaar stond hij in het zijpad. De onderwijzer knikte tevreden naar mij, alsof hij wilde zeggen: 'Dat heb je goed gedaan, jongen. Ik wist wel dat je het kon.' Ik vouwde mijn briefje op en ging bij mijn klasgenoten zitten. Ik had de boodschap begrepen.
loading

Loading articles...

Loading