Een nieuwe Aflevering van Historisch Heusden geschreven door Bart Beaard en deze keer gaat het in deel 255 van Historisch Heusden over Frie van Gorcom, Drunens schoolmeester, bestuurder en
verenigingsmens. Godefridus ('Frie')
van Gorcom werd op 22 november 1928 in Drunen geboren en was een zoon van
Gerardus van Gorcom en Johanna van Noort. Gedurende zijn leven groeide hij uit
tot een markante en veelzijdige persoonlijkheid binnen de Drunense gemeenschap.
Door zijn inzet op uiteenlopende terreinen werd Frie voor velen een vertrouwd
gezicht. Hij behoorde tot een generatie die na de Tweede Wereldoorlog mede vorm
gaf aan de ontwikkeling van Drunen. Zijn leven weerspiegelt daarmee niet alleen
een persoonlijke geschiedenis, maar ook de veranderingen die het dorp in de
tweede helft van de twintigste eeuw doormaakte.
Gezin
Onderwijzer
Frie trouwde op 23 oktober 1964 met Jo van Drunen, eveneens
onderwijzeres. Zij was gedurende vele jaren een drijvende kracht achter de
organisatie van Jeugd Vakantie Vreugd. Samen kregen zij drie kinderen: Geert,
Anke en Marjan. Frie overleed in Drunen op 19 maart10 november 1996, Jo overleed
er op 13 december 2023.
Nederlands-Indië
Begin 1949 werd Frie door de overheid opgeroepen voor
militaire dienst in Nederlands-Indië. Hij behoorde tot de ongeveer 140
militairen uit de huidige gemeente Heusden die tijdens de Indonesische
Onafhankelijkheidsoorlog naar Nederlands-Indië werden uitgezonden. Na een
opleiding van enkele weken tot infanterist vertrok hij op 25 maart 1949 vanuit
de haven van Rotterdam met het voor troepentransport omgebouwde passagiersschip
‘Volendam’. Aan boord bevonden zich ruim 1.600 militairen. De reis voerde via het
Suezkanaal naar Tandjong Priok, de haven van Batavia, waar het schip op 23
april arriveerde. Vervolgens werd doorgestoomd naar Semarang op Midden-Java.
Daar ging een gedeelte van de groep, voornamelijk afkomstig uit Noord-Brabant
en Limburg, van boord. In de haven werden zij welkom geheten door de Dienst
Welzijn, die met een kantinewagen voor koffie en andere versnaperingen zorgde.
Daarna volgde het transport naar de kazernes. Hij was ingedeeld bij het 425e
Bataljon Infanterie (ook bekend als 6-6 R.I.) dat werd ingezet op Midden-Java
onder andere bij de ‘Slag Poerwokerto’. De thuisreis maakte hij met het
Amerikaanse troepenschip ‘General S.D. Sturgis’, waarop zich ruim 1.300
militairen, vrouwen en kinderen bevonden. Op 10 oktober 1950 meerde het schip
af in Amsterdam en kon Frie na zijn debarkatie terugkeren naar huis. Daarmee
had hij, zoals destijds vaak werd gezegd, zijn ‘vaderlandse plicht’ vervuld.
Thuis was er een mooie ontvangst met familie, buurt en harmonie en als cadeau
ontving hij een nieuwe VEENO-fiets.
Foto LInks: Prins
Carnaval ‘Dwerg I’, Frie van Gorcom, tijdens het carnaval in Drunen, 1964.Bron: SALHA, collectie 86176
Foto Midden: onderscheiding: F. v. Gorcom, L. v.d. Gelt,
J. v.d. Wiel en A. Schapendonk. Collectie RKDVC
Foto Rechts: Inscheping van Frie van Gorcom
(2e van links) op 25 maart 1949 aan boord van het passagiersschip Volendam, met bestemming
Nederlands-Indië. Op 23 april 1949 arriveerde het schip in Batavia. Collectie HKK
Onsenoort.
Schoolmeester
Na de Lagere Jongensschool in de Stationsstraat (1935-1941)
vervolgde Frie zijn opleiding tot onderwijzer aan de Bisschoppelijke
Kweekschool in ’s-Hertogenbosch en rondde deze opleiding na zijn verblijf in
Nederlands-Indië. Vanwege en tekort aan leraren was dit op de kweekschool een
verkorte opleiding. Zijn eerste
aanstelling als onderwijzer was aan de Lagere Jongensschool in Hedel. Lang
duurde die eerste standplaats niet. Op 14 augustus 1952 werd hij benoemd tot
onderwijzer aan de nieuwe rooms-katholieke Sint-Jozef Jongensschool in de
Wilhelminastraat in Drunen. De
laatste jaren voor zijn pensionering in 1993 was hij werkzaam aan de
NUTS-school in de Kastanjelaan.
RKDVC
Frie was in 1945 medeoprichter van de
R.K. Drunense Voetbal Club. Al in het eerste seizoen (1945-1946) behaalde de
vereniging het kampioenschap in de vierde klasse. Gedurende vele jaren was hij
aanvoerder van het eerste elftal en groeide hij uit tot een van de
gezichtsbepalende leden van de vereniging. Van 1954 tot 1964 vervulde Frie het
voorzitterschap van RKDVC. Daarna was hij nog eens 25 jaar actief als
secretaris. Daarnaast was hij vanaf de eerste uitgave de eerste hoofdredacteur
van het clubblad ‘De DVC'er,
waarmee hij een belangrijke bijdrage leverde aan de onderlinge verbondenheid
binnen de vereniging. In 1965 nam hij het initiatief tot de oprichting van de
pupillenafdeling. Omdat hij als onderwijzer op woensdagmiddag vrij was,
verzorgde hij wekelijks de trainingen en organiseerde hij onderlinge partijtjes
voor de jeugd. Hiermee
gaf hij een belangrijke impuls aan de ontwikkeling van de jeugdafdeling. Voor
zijn grote en langdurige verdiensten werd Frie benoemd tot erelid van RKDVC. Ter
gelegenheid van het 40-jarig bestaan van de vereniging en zijn 40-jarig
lidmaatschap ontving hij bovendien een onderscheiding van de KNVB.
Dwergonië
In 1957 nam een groep vrienden in Hotel Royal
het initiatief om in Drunen een georganiseerde carnavalsviering op te zetten.
Er werd een Raad van Elf samengesteld, waarvan Frie van Gorcom deel uitmaakte.
Jacques Werner werd uitgeroepen tot de eerste prins carnaval onder de naam
Prins Dwerg I. Om ook het kinder- en bejaardencarnaval mogelijk te maken, werd
in 1962 de Commissie Carnaval opgericht. Frie was eveneens lid van deze
commissie, die zich bezighield met het verwerven van de financiële middelen
voor de organisatie van deze festiviteiten. Een blijvende bijdrage aan de
Drunense carnaval leverde Frie in 1964, toen hij als Prins Dwerg II een nieuwe
naam voor het carnavalsdorp introduceerde. Geïnspireerd door het gekwaak van de
kikkers in de Dwergen – twee treksloten die door Drunen liepen – riep hij het
dorp tijdens carnaval uit tot Dwergonië. De
naam sloeg direct aan en groeide uit tot de blijvende carnavalsnaam van Drunen.
Frie bleef gedurende vier carnavalsseizoenen Prins Dwerg II. In
deze periode kreeg het carnaval een steeds professionelere organisatie. Er
ontstonden verschillende carnavalsverenigingen die de optocht en het
groepslopen langs de cafés verzorgden. Daarnaast werd de hofkapel De Dorstvlegels opgericht en kreeg het dorpsplein een
eigen carnavalsmascotte: Mina, die tijdens
de carnavalsdagen een vertrouwd en herkenbaar symbool van Dwergonië werd.
Politieke loopbaan
Naast
zijn werkzaamheden in het onderwijs en het verenigingsleven ging Frie zich
steeds intensiever bezighouden met gemeentelijke vraagstukken. Zo
was hij lid van de Jeugdcentrale en de Sportraad, die beide een adviserende
taak hadden voor burgemeester en wethouders. In 1966 was hij aangesloten bij de
werknemersvereniging ‘Hoofd en Hand’,
die dat jaar besloot deel te nemen aan de gemeenteraadsverkiezingen in de
gemeente Drunen. De vereniging behaalde drie zetels. Frie werd met
voorkeurstemmen in de gemeenteraad gekozen en vervolgens benoemd tot wethouder.
Hij kreeg onder meer de portefeuilles Volkshuisvesting, Sportzaken en het
cultureel centrum De Hoge Braken. Bij de gemeenteraadsverkiezingen van 1970 nam
de groepering opnieuw deel, ditmaal onder de naam ‘Lijst Van Gorcom’. De partij wist haar drie zetels te behouden,
waarna Frie voor een tweede termijn tot wethouder werd benoemd. Frie is uiteindelijk
11 jaar wethouder geweest.
Betekenis voor Drunen
Met
zijn inzet voor onderwijs, sport, carnaval en gemeentepolitiek drukte Frie van
Gorcom gedurende bijna een halve eeuw een herkenbaar stempel op het
maatschappelijke leven van Drunen. Hij behoorde tot die generatie vrijwilligers
en bestuurders die het dorp na de oorlog mede vorm gaf en waarvan de invloed
nog lang zichtbaar bleef. Wie hem heeft gekend, zal zich hem herinneren als een
betrokken onderwijzer, een gedreven bestuurder en iemand met gevoel voor humor
en saamhorigheid.
Bart Beaard