Volgens de kadastrale
gegevens werd het pand in 1898 geheel herbouwd, waarschijnlijk nadat het door
een brand was verwoest. Daarna kwam het pand achtereenvolgens in het bezit van
verschillende eigenaren, die het voornamelijk verhuurden. De laatste eigenaren
waren de erven van Klaas Arie van Rijswijk.
Zij verkochten het pand aan de
gemeente Heusden. In 1979 kocht Joop Kivits het inmiddels sterk verkrotte pand
van de gemeente, met de bedoeling het te restaureren. Voor de restauratie en
verbouwing maakte architectenbureau H.E. Teering – A. van der Laar BV uit
’s-Hertogenbosch een plan. Daarbij bleven de bestaande voorgevel en de
woningscheidende muren behouden. Deze muren werden verzwaard met schoongebikte
stenen uit het voormalige TUMCA-gebouw, dat naast het pand had gestaan. Op 21
december 1979 verleende de gemeente Heusden de bouwvergunning. De restauratie
werd vervolgens in eigen beheer uitgevoerd.
Bouwstijl
De
woning heeft een zadeldak, waarvan de nok
loodrecht op de straat staat. Het dak is gedekt met rode terracotta dakpannen
van het type OH, Oude Holle. De tuitgevel is als een voorzetgevel vóór de
oorspronkelijke bouwmassa geplaatst en springt ongeveer één steenlengte naar
voren ten opzichte van de gevels van de buurpanden. De gevel wordt aan de
bovenzijde afgesloten door een geprofileerde afdeklijst van zandsteen, waarop
een zandstenen bol is geplaatst.
Foto Links:Waterpoort 30, gebouwd
in 1898, sluit aan bij de architectuur van de late negentiende eeuw. Foto Ad
Hartjes
Foto Rechts: Het TUMCa-gebouw
(1874-1975), gebouwd door Cornelis Malingré met de bestemming opslag van wijn
en gedestilleerd. Rechts ernaast staat het pand Waterpoort 30. Foto SALHA
Beeldbank.
De
voorgevel is gemetseld in kruisverband en voorzien van eenvoudige lintvoegen.
Kenmerkend zijn de negen banden van tweelaags gemetselde gele strengpersstenen,
die de gevel horizontaal geleed. Deze decoratieve toepassing van gele baksteen
sluit aan bij de architectuur van de late negentiende eeuw en past bij de
herbouw van het pand in 1898.
Op
de begane grond bevinden zich twee zesruits schuifvensters en op de verdieping
één zesruits schuifvenster. Boven de vensters en de voordeur zijn één steen
hoge, getoogde rollagen aangebracht. De aanzet- en sluitstenen zijn
geaccentueerd met gele stenen. Boven de sluitsteen is het metselwerk iets
verhoogd, waardoor een vorm ontstaat die doet denken aan een hanenkam. De
vensters hebben hardstenen raamdorpels. Op de verdieping zijn vier sierankers
aangebracht.
De
voordeur is uitgevoerd als een paneeldeur en heeft een hardstenen dorpel. Aan
de onderzijde van de gevel bevindt zich een circa 30 centimeter hoge,
bepleisterde plint.
Bart
Beaard