Monumenten in Heusden: Een krukboerderij op Nieuwkuijksestraat 78 te Nieuwkuijk

07 dec 2024, 7:43Monumenten Heusden
m2682
Jan Quirijnen.
Toen in het begin van de 19e eeuw de eerste kadastrale tekeningen werden gemaakt, stond op deze locatie al een krukvormige boerderij. Krukboerderijen, die in onze omgeving nauwelijks werden gebouwd, zijn boerderijen waarvan het woongedeelte naar één zijde is uitgebouwd.
De dakvorm krijgt hierdoor een L-vorm, ofwel een deurkruk-vorm. Het woonhuis staat dus dwars voor het bedrijfsgedeelte. Deze boerderij is eigendom van landbouwer Evert van der Aa, getrouwd met Mechelina de Hoog. Het eigendom gaat in 1873 over naar dochter Goverdina, die met Reinier van Halder was getrouwd. In de nacht van 29 op 30 december 1880 brak ’s-nachts om 2 uur bij Nieuwkuijk de Vlijmensche Dijk door. Het water stroomde vanaf de doorbraak via de Peperstraat naar Nieuwkuijk en een ‘Zware Stroom’ liep langs deze boerderij naar Haarsteeg. In het verslag ‘Aantekening van reddings-voorvallen’ staat daarover: ‘Acht personen die op het huis van L. van Iersel gevlucht waren, werden gered in eene boot. Achter het huis van Reinier van Halder sloeg hunne boot om; eene blinde vrouw is verdronken; eene andere werd door den stroom medegevoerd in de richting van Haarsteeg”.
Jan Quiirijnen
Droneopname van het dak van de krukboerderij met het woongedeelte aan de linkerzijde en erachter het bedrijfsgedeelte. Droneopname van Jan Quirijnen.
In het begin van de 20ste eeuw werd de boerderij grondig verbouwd en de kadastrale kaart uit 1905 toont dat de boerderij toen enigszins vergroot is. Door successie kwam het eigendom bij het echtpaar Marinus de Gouw en Everdina van Halder, vervolgens bij Petronella de Gouw en Petrus van Dijk. In 1961 werd de boerderij verbouwd en aan de achterzijde kwam in fasen een rundveehouderij met een ligboxstal. Binnen de bebouwde kom van de Heusdense kernen was het één van de laatste functionerende boerderijen.
De nok van het rietgedekte dak van het bedrijfsgedeelte ligt haaks ten opzichte van de as van de straat. De nok van het eveneens rietgedekte woongedeelte, dat ook een wolfsdak heeft, ligt evenwijdig aan de straat. De nokhoogte van beide daken zijn nu gelijk. Vóór de verbouwing in 1961 was de nokhoogte van het woongedeelte 2,2 meter lager. Bij die verbouwing zijn voor de nieuw geplaatste vensters aan de straatzijde de golvende verhogingen in het dak gemaakt. De nokken van de daken zijn afgedekt met rode terracotta rietvorsten. Bij die verbouwing, inmiddels ruim zestig jaar geleden, is ook de voorgevel met een halfsteens muur vernieuwd met een rode hardgrauw baksteen, gemetseld in kruisverband. Op de begane grond zijn toen ook de vijf vensters en de deur vernieuwd. De bovenvensters hebben openslaande ramen, de ondervensters hebben een vast gedeelte en een bovenlicht. De paneeldeur heeft een glas-in-loodpaneel en boven de deur een vast bovenlicht. Naast de deur is een beeld van ‘Onze Lieve Vrouw ter Linde’ uit Uden en refereert aan de geboorteplaats van bovengenoemde Petrus van Dijk. Boven de kozijnen van de vensters en de deur zijn anderhalve steen hoge uitwaaierende strekken. De vensters hebben hardstenen onderdorpels. Het 60 centimeter hoge trasraam is gemaakt met een afwijkende baksteen, mogelijk van de oude gevel. 
Bart Beaard
Jan Quirijnen.
Zicht op het voorzijde en woongedeelte van de krukboerderij. Droneopname van Jan Quirijnen.
loading

Loading articles...

Loading