In de periode 1300-1350 werd Heusden
ten westen van de Vismarkt uitgebreid met een stukje nieuwe stad. De
Vismarkt was toen een binnenhaven ofwel doorlopende vaart richting Demer. Het westelijke
gedeelte van de Vismarkt werd na 1320 aan de stad toegevoegd.
Het is aannemelijk
dat het pand Vismarkt 14, na de stadsuitbreiding van rond 1350, gebouwd is als
een houten huis op een kelderfundering met een tongewelf. Het was gebruikelijk dat aan
het ‘groeiende huis’ een stenen achterhuis gebouwd werd. Bij de grote stadsbrand
van 1572 zal naar alle waarschijnlijkheid het voorhuis verbrand zijn. De herbouw
zal met een stenen trapgevel geweest zijn, wat in die tijd gebruikelijk was. In
het verpondingregister staat vermeld dat het huis in 1602 bewoond werd door Marije
Goderts, weduwe van Gijmaer Joosten. In 1614 woonde op de hoek bakker
Matheus Geritsen. In 1674 heette het achterhuis "De Slanghe",
inmiddels eigendom van Abel Jansse.
In het begin van de 19e eeuw komen er kadastrale
gegevens beschikbaar en dan is het voorhuis, achterhuis en een aanbouw één
kadastraal perceel met nummer A-37. Dat is tot nu toe ongewijzigd gebleven. Toen
was grutter Christiaan van Dongen (1752-1834) de eigenaar. Vervolgens zijn er meerdere
eigenaren geweest, tot in 1914 de schoenmakersfamilie Smits eigenaar werd en
dat nu nog steeds is.
Na de oorlog ’40-’45 had
Heusden veel monumentale panden die aan restauratie of zelfs sloop toe waren.
Zo ook het pand Vismakt 14, dat in eigendom was van Martien Smits (1908-1999).
Smits begon aan een plan voor restauratie van zijn pand; zijn zoon Harry (1949-
) is er stellig van overtuigd, dat zij de eersten waren die met het restaureren
in de Vesting begonnen zijn. De vergunning voor de restauratie werd op 28 juli
1969 verleend. Voor de gevels betekende dat het kaalkappen c.q. verwijderen van
de pleisterlaag, waardoor de gele handgemaakte IJsselstenen zichtbaar werden. Er
werd gevoegd met een platte voeg. (Omstreeks 1990 werd dit voegwerk vervangen
door een knipvoeg vanwege vochtproblemen). In de zij- of trapgevel werden de
vensters vervangen door houten kruiskozijnen met 4-ruits vaste bovenramen en
4-ruits onderramen met naar binnen draaiende ramen en met luiken. In de nok werd
een kozijn geplaatst waar voorheen ook een kozijn was. Boven de kozijnen kwamen
de korfboogvormige ontlastingsbogen tevoorschijn. Het metselwerk in de
boogvelden werd vernieuwd en enkele centimeters terugliggend geplaatst. De
terracotta afdekplaten op de treden van de trapgevel werden vernieuwd.
Foto Links: Het huidige
hoekpand met een trapgevel als zijgevel. Foto Ad Hartjes
Foto Rechts: Doorsnede van het voorhuis met twee bouwlagen, een kelderfundering
met tongewelf en een dakconstructie. Bron SALHA
Op de begane grond
werd een L-vormige winkelpui met luifel geplaatst. Op advies van restauratie-architect
Ab Peetoom werd de gehele pui 10 cm schuin gezet omdat dit met de voorgevels aan
de Vismarkt ook het geval was. Aan de voorgevel is zichtbaar dat zowel het voor-
als achterhuis zich onder hetzelfde zadeldak bevinden. De aanbouw heeft een
lager zadeldak. Vóór de restauratie was naast deze aanbouw nog een aanbouw met
plat dak aanwezig als toegang tot het pand Drietrompetterstraat 17, maar dat deel
is in 1953 gesloopt. De voorgevels van het voorhuis en het achterhuis hellen
verschillend over naar de Vismarkt toe, waardoor op de overgang een spie
zichtbaar is. De stenen van de begane grond van het achterhuis hebben een
afwijkende, rodere kleur. Een reden daarvan is niet bekend. De vensters in de voorgevel
zijn bij de restauratie allemaal vervangen door nieuwe met schuiframen. De vensters
van het souterrain van het achterhuis hebben nu luiken. In 2005 werd op de trapgevel
het wapenschild ‘Hofleverancier’ geplaatst.
Bart Beaard