Nieuwe column Jack Thomassen: De Brief

Foto: Jack Thomassen

Drunenaar Jack Thomassen schrijft veel columns en korte verhalen. Voor onze lokale site Heusden Nieuws. zal hij regelmatig ook een column schrijven over zijn belevenissen en met deze keer weer een nieuwe versie. Deze column van maart gaat over De Brief

Op de parkeerplaats van de Jumbo-supermarkt in de Grotestraat kan je de bovenverdieping van het huis in de Wilhelminastraat zien, waar mijn oom Tsjeu en tante Truus ooit hebben gewoond. Tante is (was) de oudste zus van ons pa. Eerlijk gezegd kwamen wij er niet zo heel vaak, ik kan me in ieder geval slechts een paar bezoekjes herinneren. Maar ik weet nog wél dat oom in de achtertuin een volière had met mooie vogels erin. Vooral zijn mannetjesfazant had prachtige kleuren. En wat ik nog fascinerender vond aan het dier, waren zijn lange bruine staartveren. Ik was een jaar of 9 en wilde, als ik later groot zou zijn, net zo’n mooie hoed hebben als ons pa had. En dan natuurlijk met een prachtige veer van de fazant van oom erop gestoken. Gelijk een stoere boswachter. Op een hoed wilde ik nog wel een tijdje wachten. Op die veer niet. Daar moest ik oom eens een keer om vragen, mits ik dat durfde. Want ik was als klein kind nogal verlegen. En we kwamen daar dus niet zoveel op visite. Moeilijk dus.

Het perfecte moment om aan oom een veer te vragen kwam toen de juf van mijn klas van de Drunense St. Paulusschool in de Prins Hendrikstraat ons opdroeg een brief te schrijven. Een brief aan iemand die je leuk vond en iets aan wilde vertellen. Dus ook om iets aan te vragen? Jawel, ook dat mocht. Maar meteen brutaal of hebberig om een veer vragen kon vast niet de bedoeling zijn. Daarom schreef ik over de mooie volière, de zangvogels en dat ik het leuk vond om ernaar te kijken (wat werkelijk ook zo was). Uiteindelijk kwam dan de vraag of oom aan mij wilde denken, mocht zijn fazant één van zijn mooie staartveren verliezen. Om de brief een beetje op te leuken, tekende ik vogeltjes aan de zijkanten. Met onderaan de brief, naast mijn naam, iets wat op een fazant moest lijken. De brief ging in een envelop, een Julianapostzegel erop en nadat ik thuis het adres van oom en tante had gevraagd en op de envelop had geschreven, kon de brief aan zijn wereldreis beginnen.

ome Tjeu leenen

Oom was trouwens niet zomaar een oom met een alledaagse baan bij Alcoa of in één van de schoenenfabrieken in ons dorp. Nee, er was nog iets bijzonders wat oom (erbij) deed. Even dit:  U moet zich voorstellen dat de belevingswereld van een menneke van nog geen 10 jaar heel anders is dan die van de volwassen mensen om hem heen. Als je vader je dan probeert uit te leggen dat oom in de bioscoop van Waalwijk films draait, gaat de fantasie soms met je op de loop. In Drunen hadden we ook een bioscoop/theater. Daar mochten wij weleens naartoe. Om bijvoorbeeld ‘Dik Trom en zijn dorpsgenoten’ te gaan zien. En als je dan van beneden naar boven over de rand van het balkon keek, zag je het gat met daaruit een lange lichtbundel die het Polygoonjournaal en daarna een (zwart/wit) speelfilm op het scherm toverde. Fascinerend hoor.

Sjaak en Ineke de Haan (Verheij).

Achter dat luik moest dus een machine staan die films afdraaide. Hoe groot was dat ding eigenlijk? Wat voor kleur had ie? Maar ook… wie mocht bij ons in Drunen dat apparaat bedienen? Onze oom deed dat blijkbaar in Waalwijk. In het ‘Musis Sacrum’. Dat klonk toch net een beetje statiger dan ‘De Hoge Braken’. Van beiden wist ik de betekenis van de naam niet, wat voor kinderen als wij overigens helemaal niet interessant was. Haha, één keer heb ik geprobeerd op te scheppen over het feit dat het mijn oom was, die in de Waalwijkse bioscoop de films draaide. (Ken je dat nog? Wanneer je op het schoolplein iets vertelde wat totaal niet relevant was en niet de minste indruk maakte op je klasgenoten? Dat er dan een pijnlijke stilte valt en na een paar seconden iemand maar ergens anders over begint te praten? Waarna je met het schaamrood op de kaken eventjes niks meer durft te zeggen?) Toch was ik best trots op mijn oom. Hij kon maar mooi al die films bekijken. Gratis hè! Dus als ‘Dik Trom’ of ‘Sjors en Sjimmie’ in de Drunense bioscoop draaide, had oom die natuurlijk allang een keer in ‘zijn’ bioscoop gezien. De geluksvogel.

Een week of wat later waren we toch weer eens op bezoek bij oom en tante in de Wilhelminastraat. Oom Tsjeu (Leenen) vond het heel leuk dat ik hem geschreven had en zijn vogels had genoemd in de brief. En ja, mocht de fazant een keer een mooie veer uit zijn kont laten vallen, zou ik hem krijgen. Ik gloeide van trots. Nou, dat was dus voor elkaar. Nu alleen nog een hoed en elke boswachter die in de Loonse- en Drunense duinen rondliep, zou mij stinkend jaloers nakijken als ik langs fietste. Het wachten kon beginnen. Nu is geduld een schone zaak. Voor een manneke van 9 een lijdensweg. De verwachting werd steeds hoger. En toen de veer EINDELIJK uit het achterste van de fazant was losgelaten en ik hem bij ons thuis had, kon ik het niet laten om het pronkstuk op de hoed van ons pa te bevestigen en in de spiegel mijn toekomstige look te bekijken….

Ik keek eens linksom. Ik keek eens rechtsom. Pfffft! Ik schoot me daar toch in de lach, hahaha! Toen snapte ik waarom de meeste boswachters slechts een klein veertje op hun hoed droegen i.p.v. een veel te grote fazantenveer. Het paste bij elkaar als een vlag op een modderschuit. Echt waar, het zag er niet uit! Tsjonge jonge, had ik daar zo naar uitgekeken? Hup, de veer ging meteen van pa’s hoed, die ik netjes op zijn plek op de kapstok teruglegde. De pluim kreeg een mooi plekje op mijn slaapkamer. Zo, voorlopig moest ik maar eens geen rare ideeën meer in mijn hoofd halen. En dat ging aardig goed…. Een tijdje. Want op een dag kwam de jongere broer (Sjaak) van ons ma een keer bij ons langs. Op een prachtige motorscooter! Oei oei oei, dat was pas een mooie machine.

De fantasie ging weer met mij aan de haal. Wat geweldig moest het zijn om een keer achterop die scooter mee te mogen rijden. Zou ik het aan deze oom eens vragen? Durf ik dat wel? Moest ik ook een brief aan deze snelle oom schrijven? Nee, dat hoefde allemaal niet. Ons pa had het waarschijnlijk al voor mij gevraagd. Jackie mocht mee. De zaterdag erop zelfs gingen we al op wereldreis. Op bezoek bij de knappe verloofde van oom. En voor ventjes die nauwelijks verder dan met de bus naar Waalwijk of Den Bosch zijn geweest, toch een aardige en hele spannende trip. Op de supermooie en snelle motorscooter, helemaal naar…. Oud-Heusden.

Begin de dag met het nieuws uit je gemeente met de gratis Nieuwsbrief. KLIK HIER en meld je aan.
Aanvoerder van het lokale nieuws.

 

Reacties