Inge Groeneveld is boswachter bij Natuurmonumenten in
Midden-Brabant en houdt zich onder andere bezig met alle toestemmingsaanvragen.
Jan van Loon is eigenaar van Natuurpoort van Loon in Loon op Zand.
Het bedrijf
is al meer dan 55 jaar in de familie en geeft paardrijlessen en daarnaast kun
je bij hen terecht voor ponykampen en buitenritten. Ook is er horeca met
een ruim terras, hotel, vakantiehuis en groepsaccommodatie. In deze column
kijken Inge en Jan samen naar het unieke natuurgebied waar zij beiden in werken:
de Loonse en Drunense Duinen. Reageren op deze column kan via [email protected].
Inge: “Tja, Jan, daar staan we dan met onze voeten in het
duinzand. Het succes van jullie manege is mede dankzij dit natuurgebied.”
Jan: “Jazeker! Onze manege zit al 55 jaar aan de rand van
Loon op Zand en grenst direct aan de Loonse en Drunense Duinen. Vanaf hier rijd
je zo met je paard het prachtige gebied in. Met meer dan 100 kilometer aan
ruiterroutes is dit een perfecte uitvalsbasis voor onze bedrijfsactiviteiten.”
Inge: “Jullie doen veel meer dan alleen paardrijlessen op
jullie eigen gebied, toch?”
Jan: “Dat klopt. Bij ons kun je zowel terecht als beginner
en als gevorderde ruiter. We geven groepslessen, privélessen en organiseren
buitenritten. Ook met een eigen paard kunnen ruiters bij ons terecht. We
verhuren boxen en hebben accommodaties om te overnachten, zodat ruiters volop
kunnen genieten van de ruitermogelijkheden in de duinen.”
Natuurmonumenten-Geurt-Besselink
Inge: “Ik kan me goed voorstellen wat een vrijheid het geeft
om hier te kunnen ruiteren. Jij begrijpt gelukkig ook dat al die ruiterpaden
niet vanzelfsprekend zijn en dat er veel inspanning voor nodig is om die
voorzieningen in de natuur te onderhouden…”
Jan: “Ik realiseer me inderdaad dat al die kilometers aan
ruiterpaden niet vanzelfsprekend zijn. Dat jullie er hard aan werken om
bijvoorbeeld de struiken terug te snoeien en de paden daardoor voor ons
toegankelijk blijven om met de paarden overheen te rijden. Het is voor ons
ruiters ook heel fijn dat wij aparte paden hebben en we die bijna nergens
hoeven te delen met andere recreanten. Ik moet ook zeggen: als wij een
melding maken van bijvoorbeeld een omgevallen boom dan wordt dat snel opgepakt
door Natuurmonumenten. Ook proberen jullie ons te betrekken bij wijzigingen of
problemen. Wij melden ook regelmatig zaken zoals kampvuurtjes of wildcrossers
en wijzen we bijna dagelijks verdwaalde wandelaars de weg. Ik denk dat dat het
uitgangspunten moet zijn: een samenwerking waarbij je elkaar kan versterken.”
Inge: “Het is voor ons altijd de uitdaging om iedereen
zoveel mogelijk zijn eigen beleving te laten hebben. Neem maar van mij aan dat
dat in een druk bezocht gebied als de Loonse en Drunense Duinen een
voortdurende uitdaging is om al die recreatiestromen in die behoefte te
voorzien. Dat is ook niet altijd en overal mogelijk, maar daar doen we wel ons
best voor. Dat realiseren heel veel mensen zich niet, net zoals dat we
recreatieve voorzieningen, zoals wandel- en ruiterpaden, creëren en moeten
onderhouden. Dat als we niets doen, wij als mensen hier helemaal niet meer
kunnen komen door alle begroeiing. En die ontspanning in de natuur hebben wij
mensen juist zo hard nodig!”
Jan: “Ik kan me voorstellen dat de kosten van het
beheer en onderhoud van het gebied steeds hoger worden. Dat er wordt gekeken
naar een bijdrage vanuit activiteiten begrijp ik wel. Ik vergelijk het met de
toeristenbelasting voor een overnachting. Hierbij is het mijns inziens wel
belangrijk een duidelijke lijn te trekken waarbij ook echt elke activiteit in
de duinen een financiële bijdrage levert, passend bij het type activiteit, de
belasting van het gebied, etc.”
Inge: “Ik ben heel blij dat jij er zo tegenaan kijkt en jij
nu ook de samenwerking met ons hierin aan gaat. Hopelijk doet goed voorbeeld
volgen!”
Jan: “Ja, dat hoop ik ook. Tijden veranderen en een steentje
bijdragen aan het behoud van het gebied zal nodig zijn. Het laatste wat ik zou
willen is dat er een hek omheen gezet wordt waarbij het enkel tegen betaling
nog toegankelijk is.”