Een 24-jarige man uit Vlijmen stak tijdens een ruzie zijn
vader met een mes in de zij. Volgens de rechtbank Oost-Brabant was er geen
sprake van zelfverdediging, zoals de man stelt. Hij krijgt een gevangenisstraf
van 2 jaar en 2 maanden, waarvan 2 jaar voorwaardelijk, en moet zich laten
behandelen aan zijn problematiek.
De verdachte kreeg in april jl. ruzie met zijn ex-vriendin
en belde zijn ouders dat hij problemen had. Zijn ouders reden direct naar hen
toe maar konden de verdachte niet bedaren. Zijn vader pakte daarom de
autosleutels van de verdachte af om te voorkomen dat hij in alle staten in zijn
auto zou stappen en wegrijden. Hierdoor raakte de verdachte door het dolle heen
en hij sloeg in op de bus van zijn vader. Die vernielde vervolgens de
achterruit van de auto van de verdachte. Op dat moment pakt de verdachte een
mes uit zijn auto en stak daarmee zijn vader in de zij. Het slachtoffer liep
daarbij een slagaderlijke bloeding op in de milt. Hij moest geopereerd worden
en verbleef daarna nog een week op de intensive care.
Volgens de verdachte wilde hij zichzelf verdedigen tegen
zijn vader. De rechtbank ziet dit anders. Op het intikken van de ruit na,
blijkt uit niets dat de vader de agressor was en de verdachte zou hebben
aangevallen. Getuigen spreken eenduidig over een vader die probeert in te
grijpen om verdere escalatie te voorkomen. Er was dan ook geen sprake van een
situatie waarin de verdachte zich moest verdedigen. Dit betekent dat hij
schuldig is aan een poging tot doodslag.
De verdachte is ook veroordeeld voor verzet bij een
aanhouding door de politie, nadat hij zich recalcitrant gedroeg toen boa's hem
bekeurden voor wildplassen.
Woede-uitbarstingen
Bij het bepalen van de straf houdt de rechtbank er rekening
mee dat de verdachte in een periode van enkele dagen twee woede-uitbarstingen
had, die hebben geleid tot de delicten waarvoor hij nu veroordeeld wordt. Bij
het tweede incident stak hij - zonder aarzeling en voor de ogen van zijn tien
jaar jongere broertje - zijn vader in de zij. De steekpartij had niet alleen
ernstige gevolgen voor zijn vader en de overige gezinsleden, maar was ook
schokkend voor omstanders.
Ook weegt mee dat het slachtoffer geen aangifte wilde doen.
De ouders van de verdachte willen alleen maar dat hun zoon hulp krijgt voor
zijn al jarenlang bestaande problematiek. De rechtbank vindt het mede daardoor
belangrijker dat de verdachte wordt behandeld dan dat er wordt 'afgerekend' in
de vorm van onvoorwaardelijke celstraf. Hij krijgt daarom een onvoorwaardelijke
celstraf die gelijk is aan zijn voorarrest, zodat hij niet terug de cel in
hoeft. De verdachte krijgt daarnaast een meldplicht bij de reclassering en moet
zich laten behandelen bij een zorginstelling.