Historisch Heusden: Tidak Bicara niet over praten…. niets zeggen… zwijgen

Foto: Fam van Gorcum

Een nieuwe Aflevering van Historisch Heusden geschreven door Bart Beaard en deze keer gaat het over Tidak Bicara niet over praten…. niets zeggen… zwijgen. Heemkundekring Onsenoort heeft onder deze titel in de jaren 2008-2011  een interessante activiteit. Het is dan ruim 60 jaar geleden dat de laatste Nederlandse militairen uit Nederlands-Indië zijn teruggekeerd.

Het einddoel van de activiteit is het samenstellen van een boekwerk met een compleet overzicht en portretgalerij van de bijna honderdenvijftig jongemannen uit de huidige  Gemeente Heusden die destijds daarheen zijn gegaan. Na de terugkomst in  Nederland hebben vele militairen niet of nauwelijks met hun naaste verwanten    over hun tijd in Indië gesproken of erover verteld. Zij hebben gezwegen om wat

voor reden dan ook. Sommigen zijn in de loop der tijd wat spraakzamer geworden. De werkgroep (Peter de Jongh†, Thijs Stevens† en Henk de Wit†) heeft kunnen praten met alle nog in leven zijnde Indiëgangers. Tidak  Bicara, de titel van het boek, is een voorstel van Frans  Engels†, wiens beide ouders enkele jaren  in Indië gelegerd zijn geweest.

Drunenaar Frie van Gorcom, 2e van links, vertrekt op 25 maart 1949 met TSS Volendam naar Nederlands-Indië.

Waarom zijn die militairen daar?
In mei 1945 komt er een einde aan de Tweede Wereldoorlog. Nederland is bevrijd. Maar dit geldt niet voor haar kolonie Nederlands-Indië. In maart 1942 is deze kolonie, net als een groot deel van Azië, bezet door Japan. Pas op 17 augustus 1945 capituleert Japan, waarna Soekarno en zijn nationalistische medestanders de onafhankelijkheid uitroepen. Nederland erkent de Republiek niet en zet alles op alles om Nederlands-Indië te behouden en stuurt militairen om het gezag zo snel mogelijk te herstellen. In eerste instantie melden ongeveer 25.000 mannen zich vrijwillig aan, de zogenaamde oorlogsvrijwilligers. Maar dit blijkt onvoldoende. De regering besluit daarom dienstplichtigen te sturen. In de jaren 1946 tot en met 1949 worden in totaal ongeveer 125.000 dienstplichtigen ingescheept en naar Indonesië  gevaren.

Naar Indië
De meeste jonge mannen zijn zich nauwelijks bewust van het bestaan van Indië en hebben  nauwelijks inzicht in wat hen te wachten staat. Niet meer dan een training van zes weken, ver van huis, een ander klimaat, een onbekende cultuur, onbekend voedsel, een andere taal en ver weg van alle dierbaren voor een periode van twee jaar. De reis gaat met de boot, duurt ongeveer vier weken en is voor velen een bijzondere ervaring. Het !even aan boord is weliswaar niet opwindend, maar de doorvaart van het Suezkanaal is een uitzondering. De aankomst is meestal in Tandjong Priok, de havenplaats van Batavia-Jakarta. De meesten blijven ook op Java.

Zij zijn niet teruggekomen. Hun grafkruizen op Java – Indonesië

Het verblijf
Iedereen heeft een taak: op kantoor, in een werkplaats, in een hospitaal, patrouille lopen, rijden in een legervoertuig of wachtlopen. Vaak is er eenzaamheid, verveling, heimwee  en kans op malaria. Contact met het  thuisfront is belangrijk. Grote aantallen brieven worden geschreven. Haarsteeg stencilt contactblad ‘De Haarsteegbode’ en Elshout ‘De Luchtbrug’. Maar velen worden ook geconfronteerd met een soort guerrillaoorlog. De strijd van de nationalisten tegen het Nederlandse leger. Er is geen duidelijk front, een onzichtbare vijand. Peloppers, de Indonesische vrijheidsstrijders, zijn een groot gevaar. Twee keer onderneemt Nederland een offensief, beter bekend onder de naam ‘politionele acties’. De eerste in de zomer van 1947, de tweede in december 1948. De deelname aan deze acties is erg zwaar. Er zijn vele gewonden en gesneuvelden te betreuren. Op 27  december 1949 wordt de soevereiniteitsoverdracht getekend en is Indonesië onafhankelijk. Het lijkt er op dat alles voor niets is geweest. Circa 6000 Nederlandse militairen zijn om het !even gekomen en liggen begraven op 22 erevelden, verspreid over de gehele archipel. Hoeveel Indonesiërs zouden omgekomen zijn? Er worden aantallen van 125.000 tot 150.000 genoemd.

Thuiskomst
In De Echo van het Zuiden  staan wekelijks de berichten welke militairen met welke boot verwacht worden. Terug in Nederland is de ontvangst erg karig. Buurtbewoners plaatsen een boog voor de ouderlijke woning. Soms komt de harmonie. Een toespraak van een  notabele. Sommigen krijgen een nieuwe fiets. Er wordt gemopperd over het ontbreken  van belangstelling van hogerhand. In 1969 komt het optreden van de militairen onverwacht en negatief in de schijnwerpers. De berichten in de media zijn vaak ongenuanceerd. De Indiëgangers worden als moordenaars afgeschilderd. Weinig mensen weten wat er zich in Indonesië heeft afgespeeld. Sinds 1980 komt er meer erkenning en zorg. De totstandkoming in 1988 van het Nationaal Indië Monument in  Roermond is een blijk van waardering.

Niet teruggekomen
Vier militairen uit onze gemeente zijn niet teruggekomen. Uit Drunen zijn dat Cees van Delft (Bobotsari-Java, 24.12.1948) en Martin de Munnik (Tongerang-Java,  01.10.1946), uit  Vlijmen Kees Klerx (Tasikmalaja-Java, 02.12.1947)en uit Heusden Kees Verhoeven (Jakarta-Java, 22.06.1949).

Het Veteranenmonument op het Zuiderbolwerk in Heusden is een zandloper op een harstenen sokkel. Het is vervaardigd door kunstenaar Margriet Kemper met het thema ‘Het delen van de tijd’.

Herinneringen
Op de oorlogsplaquette “In Memoriam 1940-1945” in Drunen staan de namen van Cees van Delft en Martin de Munnik vernoemd. Naar Kees  Klerx wordt in 1986 in Vlijmen een straatnaam naar hem vernoemd. In 2008 wordt een verzoek bij Gemeente Heusden ingediend om straatnamen te vernoemen voor de drie andere Indiëgangers. Dit verzoek wordt afgewezen daar Heusden naar een ‘algemeen monument’ wil. Daaruit is in 2009 de jaarlijkse Veteranendag ontstaan en in 2014 het Zuiderbolwerk in Heusden-Vesting als centrale herdenkingsplek. Als gevolg van de teleurstellende beslissing over de straatnaamtoekenningen wordt in maart 2009 het illegale ‘Cees van Delft-pad’ onthuld. Grote belangstelling bij de onthulling in een dwarspad van de Kleinestraat, enkele meters voorbij zijn geboortehuis. Na een heroverweging geeft in 2010 Heusden toch gehoor aan  de verzoeken van familie, politiek, samenleving en heemkundekring om toch straatnamen naar hen te vernoemen. In 2012 besluit Heusden om in Herpt een straatnaam naar Kees  Verhoeven te vernoemen. Jammer, de straat wordt niet aangelegd. Op 31 januari 2012 krijgt Tinie de Munnik in plan Dillenburg zijn straatnaam en in hetzelfde plan wordt op 22 juni 2015 de straatnaam voor Cees van Delft onthuld. Het bordje in de Kleinestraat is dan inmiddels verwijderd.

Bart Beaard

Begin de dag met het nieuws uit je gemeente met de gratis Nieuwsbrief. KLIK HIER en meld je aan. Aanvoerder van het lokale nieuws.

< Kijk hier voor agenda
< Volg HeusdenNieuws ook via 
Facebook
< Wist u dat wij iedere morgen bijna 3000 nieuwsbrieven verzenden
< Wist u dat wij iedere dag meer dan 10.000 bezoekers hebben op onze website
< Adverteren op Heusden.Nieuws.nl stuur een 
mail

 

Reacties

Cookieinstellingen